De bouw van de
Grote Kerk van Breda

aanleiding, financiering en uitvoering

Presentatie: dhr. Rinus Boidin
Datum: donderdag 19 december 2019
Tijd: 19.30 - 22.00 uur
Locatie: Scc De Poelewei, Mgr. De Vetstraat 2, Breda

De Gouden Eeuw van Breda gaf aanleiding tot grote bouwkundige veranderingen in de stad. Hoe meer de Nassau dynastie betrokken raakte bij het Habsburgse huis, hoe meer zij ook hun macht en rijkdom wilden tonen. Breda moest een bisschopsstad worden, want Engelbrecht II en Hendrik III wilden hun stad omvormen tot een geestelijk centrum in het noordelijkste deel van het Bourgondische Rijk. Breda moest een centrum worden voor handel (vismarkt), economie (pachtkamer), recht (capitaal, recht) en religie (kerk, kloosters en begijnhoven). Voor ambtenaren moest het er goed toeven zijn (Grote Markt, Catharinastraat, Nieuwstraat).

Engelbrecht I van Nassau startte met de bouw van een Grote Kerk. Naar aanleiding van de geboorte van Jan IV. In het jaar 1410 begon men met de bouw van het koor, waarschijnlijk direct achter het oude Romaanse kerkje dat er eerst stond. Tijdens de lezing wordt uitgelegd wat nog te zien is van de bouw. Daarna werden de transepten gebouwd, eerst de ene daarna de andere, want ze staan duidelijk niet in één lijn.

Schip van de kerkkathedralen-breda
Toen er in de transepten en het koor een dienst kon worden gehouden, brak men geleidelijk het oude kerkje af. Waarschijnlijk werden de oude stenen voor de fundering van de nieuwe zuilen hergebruikt en men begon met het 'schip' van de kerk. Toen Hendrik III heer van Breda werd, klotste het (inca-)goud tegen de plinten, de 'sky was the limit', het hek was van de dam. De kerk werd groter gemaakt met zijbeuken en prinsenkapel. De graven die oorspronkelijk buiten de kerk lagen, kwamen daarmee onderdak. Uitbundige gotiek werd toegepast in de bouw en in de versiering; de kerk werd met een omgang verfraaid. Ook wordt aandacht besteed aan de tijdens de bouw toegepaste veranderingen.

Grote Toren verstevigd
Er waren ook tegenslagen; in 1467 stortte de Grote Toren van de oude kerk in en moest onmiddellijk worden herbouwd. De toren diende niet alleen een religieus doel. Zij werd ook als uitkijk, signaalpost (grote klok) en als landmeetpunt gebruikt en dus moest de nieuwe toren op exact dezelfde plaats verrijzen. Later in de 17de eeuw is er nog een grote torenbrand geweest en de houten bovenkant is nog eens veranderd (en lager geworden). Men moest toen nog jaren wachten om de kerk en toren op elkaar aan te sluiten. Pas in 1526 was alles klaar met ommegang en kapittelzaal. Het orgel is van 1531; daar hebben dus Willem I van Nassau en Karel V nog naar kunnen luisteren. Later zijn er tientallen renovatieprojecten geweest. De grootste ingreep is wel dat de toren is verstevigd, want die dreigde over het schip te vallen. Van wie was die kerk eigenlijk (welk bisdom?). Hoe werd dit megaproject bestuurd en gefinancierd, waar kwamen de stenen vandaan? Wat is de koppeling met "Het Kasteel" van Breda? Deze en andere vragen worden beantwoord tijdens deze presentatie.